Hittestress

 

Slachtoffers in de opvang van Elles in Soest

- Hongerig jong in opvang eet gretig een worm, Youtube

- Vogelasiels in Nederland

 

 

 

Gierzwaluwnieuws 2026

 Inhoud en Contact      

 

 

Meer slachtoffers

 

Sinds jaar en dag wordt geadviseerd om kunstnesten uitsluitend in gevels met een oriëntatie op noordelijke en oostelijke richtingen te plaatsen (Kennisdocument gierzwaluw, p. 41, juli 2023 ).  Regelmatig worden, vooral tijdens hittegolven, jonge gierzwaluwen gevonden die het nest (meestal onder dakpannen, maar ook in nestkasten) vanwege te hoge temperaturen zijn ontvlucht. Ook worden soms (bij camera bewaakte nesten) dode eieren op het nest gevonden en we weten dat jongen ook door hitte op het nest kunnen sterven als ze nog te klein zijn om te vluchten.  Dat gebeurt vooral bij nesten onder pannendaken maar in toenemende mate ook in nestkasten. De kans op het voorkomen van hittegolven en hogere maxima tijdens hittegolven zal toenemen door de klimaatcrisis, en daarmee de kans op hitteslachtoffers onder gierzwaluwen.

 

Nestbehoud op te zonnige daken

 

24-12-'2025, updates t/m 18-4-'26.

Het valt op dat veel renovatieprojecten volgens een ontheffing Wet natuurbescherming (Wnb) van Omgevingsdienst Noord-Holland Noord  worden uitgevoerd met het voorschrift dat de oorspronkelijke broedplaatsen na de renovatie behouden blijven, zonder compensatie met kunstnesten. Helaas gebeurt dat ook op te zonnige zuidelijke en westelijk georiënteerde dakvlakken. Tamelijk dramatische toestanden van gierzwaluwen die wekenlang proberen hun verdwenen nest te bereiken zouden dan vermeden kunnen worden. Maar in plaats daarvan is er dus toenemende kans  dat de jongen en eieren sterven door de hitte. Achter dakpannen wordt het wel 10 graden warmer dan de buitentemperatuur.

 

Na 9 maand dag en nacht in Afrika rondvliegen en na 10.000 km voor een dichte deur in Nederland aankomen. De woning is in afwachting van renovatie "natuurvrij" gemaakt.

 

 

Maar ook elders wordt het wel gedaan, b.v. eind '25 hier in Havelte. Met name bij kantpannesten op kopgevels maar ook wel bij schuine daken. Na dakisolatie (van binnenuit of van buitenaf) en meestal met vervanging van dakpannen en/of plastic op het dakbeschot worden de ingangen tussen muur en kantpan toegankelijk gehouden (min. 3,5 cm ruimte).  Meestal wordt ook een minimum afstand tussen dakpan en isolatiepakket voorgeschreven en "gripgaas" om gladde kantplanken of plastic te kunnen overbruggen.

Maar achter dakpannen op zuid, west en noordwest wordt het voor eieren en jongen dodelijk heet; op oude daken en ook op geïsoleerde / gerenoveerde daken. En die daken zijn ook niet geschikt als daar nesten zaten. Gierzwaluwen weten niet dat een plek ongeschikt is en komen terug op de broedplaats, ook als het legsel mislukt is, zie Documentatie hittestresspraktijk.pdf

 

Achter dakpannen wordt het 10 graden warmer dan buiten, dus regelmatig (en steeds vaker) meer dan 45 graden en in hittegolven nog meer. Een paar uur van temperaturen boven 35 graden wordt algemeen als dodelijk voor eieren en jongen op het nest beoordeeld. Maar ook bij lagere waarden zijn er al zorgen.

 

Jaap Schröder deed veel onderzoek naar nesttemperaturen en zegt desgevraagd dat over 39-44 C. de meningen wat verdeeld zijn maar dat het totaaloordeel "better safe dan sorry" moet zijn. "Dus (kunst)nesten alleen tussen noordwest en noordoost en 'foute' kasten definitief afsluiten?".

 

Bij de provincie begrijpen ze het blijkbaar ook niet altijd want in een ontheffing Wnb zag ik nestbehoud op het dak na renovatie/isolatie beargumenteerd met de opvatting dat de warmte van de woning door de isolatie niet meer bij het nest tussen de pannen en het dakbeschot kan komen. Maar dat speelt in het broedseizoen natuurlijk geen rol. Bovendien, de hitte achter de pannen wordt veroorzaakt door de zonbestraling, niet door de warmte in huis.

 

Zie als voorbeeld van nestbehoud deze Ontheffing Wnb, 15-8-'22, p. 3 en 8 voor een renovatieproject in Rijsenhout (dakisolatie en nieuwe pannen). Drie nesten zitten op zuidwest gerichte kopgevels en eentje op noordwest (ook te zonnig).

Ontheffing: "De nestplaatsen gaan door de beoogde werkzaamheden verloren. Met de werkzaamheden worden de zeven nestplaatsen weer geschikt gemaakt. De daken van alle kopgevels blijven toegankelijk voor de gierzwaluw, door hier geen vogelschroten te plaatsen. Met de werkzaamheden blijft de ruimte onder de pannen nagenoeg gelijk als in de huidige situatie, waardoor deze gebruikt kan worden voor de gierzwaluw. Alle kopgevels waaraan werkzaamheden plaatsvinden zullen geschikt raken voor de gierzwaluw." 

 

Bij een project in Huizen, nr. 4  werden voor toegangsverzekering zelfs gaten in de steen onder de kantpan gemaakt, 6 per gevel, zie foto. 9 van de 18 verloren nesten bevonden zich op te zonnige kopgevels (ZW, W en NW) en de daar gehandhaafde plekken dus ook.

Op de site van de NKNB (Nationale Kennisbank Natuurinclusief Bouwen) wordt de maatregel dan ook volkomen terecht negatief beoordeeld: "niet toepassen". Zie NKNB: aanpassing gevelrand voor gierzwaluw.

 

In de Ontheffing 5-5-'24-Muiderberg is men bezorgd dat de daknesten niet gevonden zullen worden, hoewel er volop gebroed werd. In een groot complex waar 44 gierzwaluwnesten tijdelijk, buiten het broedseizoen, niet beschikbaar zijn, blijven de oorspronkelijk broedplaatsen behouden, dus ook op de (vele) kop- en zijgevels die op de veel te zonnige richtingen zijn georiënteerd.

Gierzwaluwen komen altijd terug naar hun broedplaats, dus ook naar de plekken die ondanks de renovatie behouden blijven, maar er moet toch lokgeluid (p. 4) worden toegepast. Ontheffing: "Als permanente alternatieve verblijfplaatsen voor de gierzwaluw dienen alle dakvlakken binnen het projectgebied toegankelijk gemaakt te worden voor de gierzwaluw. Hiervoor dient een ruimte van minimaal 3,5 centimeter tussen de dakpannen (kantpannen en eindvorsten) en de zijgevels te worden gecreëerd. Tevens dient de ruimte tussen de dakplaat en de onderrand van de dakpannen minimaal 8 centimeter te zijn. 26. Om de ingebruikname van de permanente alternatieven te bevorderen, dienen lokgeluiden afgespeeld te worden gedurende het eerstvolgende broedseizoen na realisatie van de permanente alternatieven. De lokgeluiden dienen gedurende minimaal één broedseizoen afgespeeld te worden."

Voorzover de nestruimtes op te zonnige gevels komen is het dus lokken naar doodskistjes.

 

Een recent project in Hilversum maakt het ook erg bont: alle dakvlakken, ook op zuid en west worden via kantpannen toegankelijk gemaakt voor broeden onder de pannen. Op de isolatie wordt ook nog eens een folie geplaatst waardoor de warmte niet wordt afgegeven naar de isolatie en het dakbeschot maar weerkaatst naar de ruimte onder de pannen die dus nog verder opwarmt. Hier de projectbespreking Dotterstraat eo Hilversum.

 

Compenseren met kunstnesten kan ook goed fout

Een foute variant van de hierboven besproken maatregel  is het aanbrengen van compenserende kunstnesten op te zonnige broedplaatsen (zuid, west, noordwest). Ook dat komt veelvuldig voor; het vloeit direct voort uit het voorschrift in het Kennisdocument gierzwaluw, juli 2023, p. 38 om "bij voorkeur op de oorspronkelijke locatie te compenseren". Terwijl nestelen dus geen bewijs van geschiktheid is. Er moet bijstaan dat dat alleen op noord en oost moet.

 

Ik zag begin december '25 dat provincie Utrecht zich in ieder geval bewust is van het probleem. In een Ow-vergunning Flora en Fauna activiteit voor een project in Leusden werd het voorstel van de ecoloog afgewezen om compenserende nestkasten te plaatsen op zuid en zuidwest gerichte gevels, waar de nesten zaten. Er werd voorgeschreven dat dat alleen mag bij nesten op noord-noordoost of als ze op een andere manier voldoende beschaduwd worden. Zie Leusden, project nr. 3. 

 

Op de valreep van 2025 vond ik voor het eerst een vergunning in Achthuizen die aangeeft dat men het probleem tenminste onderkent, maar nog niet oplost. Voor de huismus werd het niet toegestaan om 'natuurlijke' broedplaatsen achter pannen op zuidelijk georiënteerde daken beschikbaar te maken. Op andere richtingen mag het wel maar moet er voor voldoende ventilatie gezorgd worden. (Hoe dan staat er niet bij). Maar deze voorschriften ontbreken voor de gierzwaluw.

Het deugt dus nog steeds voor geen meter want voldoende ventilatie garanderen op te zonnige locaties is heel erg lastig. Dat blijkt wel uit voorschrift nr. 13 p. 5. De enige goede oplossing is uitsluitend  compensatie met kunstnesten op de juiste plaatsen. Zie voor de details Omgevingsvergunning Achthuizen.

 

Ik heb de Omgevingsdiensten Noord Holland Noord en Haaglanden ook van bovenstaande bedenkingen op de hoogte gesteld.

 

Verderop op deze pagina:

-- 1000-en slachtoffers van hittegolf 2025

-- Diversen onderzoek.

 

Het komt nog steeds veel voor

In Utrecht ken ik 455 kunstnesten (15% van totaal) op Z, ZW, W of NW, zonder extra bescherming door bijvoorbeeld een dakoverstek of dakgoot. Bijna allemaal in projecten van professionele organisaties zoals gemeente, woningcorporatie of projectontwikkelaar en door ecologen geadviseerd / begeleid, z ie Kunstnesten Utrecht-oriëntatie.

 

Herstel is soms mogelijk

In 2023 werden in Harderwijk door plaatselijk ecoloog Jaap Schröder een groot aantal op west en zuid geplaatste nestkasten en neststenen aangetroffen: de uitvoerende woningcorporatie bleek bereid ze te verplaatsen. zie bericht AD, 3 maart 2023.

 

 

Onderzoek

 

Toenemende kans op hittestress

Door de klimaatcrisis zullen aantal, duur en intensiteit van hittegolven toenemen. Dat is al ruimschoots gedocumenteerd. Een recent resultaat is dat de temperatuurpieken sneller hoger worden dan de gemiddelde temperatuur.

 

Toename van hittegolven op het noordelijk halfrond. Sinds 1980 is het beslagen oppervlak van hittegolven 46% groter, is de maximale intensiteit 17% groter en komen ze 6% vaker voor. Zie paper: hittegolven.

 

Pas de laatste jaren is er door onderzoek meer duidelijk geworden over de oorzaken en gevolgen van zonbestraling op broedplaatsen van gierzwaluwen.

 

Wit dak en/of dubbel dak helpt onvoldoende

Er wordt wel veronderstelt dat wit geverfde kastdakken en een dubbel dak voldoende bescherming bieden op zonnige locaties. Jaap Schröder deed onderzoek naar witte en bruine kasten, met en zonder extra dak. De kasten hingen op het oosten en zelfs daar bleek dat de temperaturen veel te hoog kunnen worden. De maximum temperatuur werd door wit schilderen met of zonder dubbel dak weliswaar 5-7 verlaagd t.o.v. een bruine kast zonder dak, maar kon nog steeds boven de 40 graden komen, tot wel 4 uur achtereen, bij een maximum buitentemperatuur van 34 graden. Kun je nagaan wat er gebeurt bij 40 graden buitentemperatuur. En maar helemaal niet denken aan wat er dan op zuid en west gebeurt. Hij schreef er een artikel over in Britisch Birds, april 2026. Wittekastentemperaturen.

 

Onder pannen 10 graden warmer dan buiten

In 2022 deed Blom Ecologie onderzoek naar opwarming achter een wel en een niet geïsoleerd pannendak om behoud van broedplaatsen na isolatie voor de provincie te onderbouwen voor een ontheffingsaanvraag. Geïsoleerde daken op NO, ZO en NW werden "slechts enkele graden" warmer na isolatie en op ZW werd het 6 graden minder warm op geïsoleerde daken (geen verklaring). Maar op alle daken werd het wel ca. 10 graden warmer dan de buitentemperatuur.

Temperatuurmetingen Blom Ecologie in Mierlo.

 

Meer dan 35 graden vermijden

Bureau Altenburg en Wymenga concludeerde op grond van een literatuurstudie gebouwverbetering en gebouwbewonende soorten in 2023 voor huismus en gierzwaluw: "Temperaturen in de range van 35- 39 C en daarboven dienen zeker niet op te treden." (over gierzwaluw op p. 18, 22 en 24)

 

Ook op het oosten dreigt gevaar

Jos Hoekstra en Fred van der Lelie (zij vonden in de literatuur geen enkel onderzoek) deden in 2020 in Amersfoort onderzoek aan ingebouwde neststenen op vier verschillende windrichtingen. Hun conclusie: het is sterk af te raden om in onbeschutte gevels gierzwaluw neststenen in te bouwen, met uitzondering van gevels die op het noorden liggen, tussen het NNW = 337,5° en het NNO = 22,5° (maximaal NO = 45°). Op andere richtingen zullen de temperaturen te hoog kunnen oplopen (als criterium voor jongensterfte werd meer dan 2 uur met temperaturen boven 38 graden genomen) en resulteren in (te grote kans op) sterfte van jongen. Het lukte (vanwege de regelgeving) niet om de Amersfoortse vlieggaten van neststenen op zuid, west en oost dichtgesmeerd te krijgen.

- Neststeentemperatuur-Hoekstra-vdLelie-2020.pdf .

 

Een uitgebreider artikel over dit onderzoek werd gepubliceerd in Limosa 2023- jaargang 96 nr. 2 p. 72 - 79 (Jos Hoekstra, Fred v.d. Lelie en Jaap Schröder). Helaas eigenlijk alleen leesbaar / begrijpelijk voor statistici. En met de conclusie kunnen we niet zoveel: "bij het inbouwen van gierzwaluwneststenen dient rekening gehouden te worden met het optreden van hittestress in inbouwnestkasten in gevels, niet alleen op het zuiden, maar ook op het oosten, westen en noordwesten". Hoe dan is de vraag? De tuinslag erop tijdens hittegolven? Alleen op noord- en oostgevels plaatsen zou duidelijker zijn (en is overigens al voorgeschreven in het Kennisdocument Goerzwaluw) en de enig passende conclusie over de kennis die we nu hebben.

 

Hoe warmer hoe meer slachtoffers

Jaap Schröder onderzocht in 2024 het verband tussen de maximale temperatuur in de maand juli in De Bilt met het aantal gevonden hitteslachtoffers in vier opvangcentra. Het verband bleek significant: hoe hoger de maximum maandtemperatuur, hoe hoger het aantal gebrachte jonge gierzwaluwen.

 

 

Ze weten niet of een plek te heet kan worden

Marjos Mourmans van Zwaluwen Adviesbureau in Roosendaal ving ruim 30 jaar gierzwaluwen op en schreef een verhelderend artikel over haar ervaringen met hitteslachtoffers en ontdekte wanneer we iets van de slachtoffers merken (meestal niet) en hoe dat komt. In een met camera bewaakt nest onder een dakpan op het zuidwesten werden in 5 jaar 15 eieren gelegd maar vloog er slechts een enkel jong uit. Ze proberen het elk jaar opnieuw!  Zie: Gierzwaluwnestplaatsen en oververhitting.pdf

 

Maximaal 34 graden (kort) verdraagbaar

In 2023 publiceerde Altenburg en Wymenga een (literatuur)onderzoek naar de effecten van gebouwenisolatie op beschermde gebouwbewonende soorten huismus, gierzwaluw en vleermuizen. Hun conclusie (voor huismus en gierzwaluw) : "Het binnenklimaat van nest- en verblijfplaatsen in gebouwen moet bij voorkeur niet té warm en te droog zijn. Temperaturen in de range van 35- 39 C en daarboven dienen zeker niet op te treden."

- Gebouwverbetering en gebouwbewonende soorten. (over gierzwaluw op p. 18, 22 en 24)

 

Broedsucces goed op zuidwestgevel ?

In Utrecht volg ik al langer een project met 20, voor 100 % bezette neststenen (elk jaar invliegers gezien) op een zuidwestgevel in de bovenrand van een groot appartementengebouw. Er worden begin juli ook jongen in de kastopeningen gezien maar het broedsucces is uiteraard niet bekend. Zie: Arthur van Schendelstraat. Op 12 juli '25 kwam ik er een bewoonster tegen die op ca. 4 juli, net na de hittegolf, een dood jong vond op de parkeerplaats voor de gevel. 

 

Al eeuwen op zuidwest in een kerkmuur

In de kapel van de Lutherse kerk in de Hamburgerstraat 9 in Utrecht worden (met onderbrekingen ) al 613 jaar 5 neststenen op het zuidwesten benut. Dikke muren beschermen waarschijnlijk voldoende.

 

 

Eerdere rampen  

 

Honderden slachtoffers in 2025

De vroege hittegolf van 29 mei t/m 3 juli (De Bilt) en de erg hoge temperaturen in vooral het zuiden tot 38 graden hebben erg veel slachtoffers onder gierzwaluwen gemaakt. De jongen ontvluchten vooral de nesten onder dakpannen waar het wel 50-60 graden kan worden. Maar ook nestkasten die teveel in de zon hangen in plaats van op noord of oost kunnen slachtoffers maken. Het leidde tot soms ongekende topdrukte bij de vogelopvangcentra.

Alleen al de opvang in Utrecht meldde 42 slachtoffers en gierzwaluwspecialist Elles (ze brengt al 19 jaar te jonge gierzwaluwen groot) kreeg er bij de 20 die ze al had, nog 28 bij uit Soest (29-6 t/m 3-7, vnl. uit Amersfoort).

 

Bij vogelopvang de Mikke in Middelburg werden 40 jongen bezorgd, zie bericht Omroep Zeeland.  Wildopvang Someren (Br.) heeft er al 120 in huis, in Nieuw Bergen (Li) werden er 30 bezorgd en bij Noach in Halle bij Doetinchem 50 slachtoffers. Op 6 juli kwamen er nog steeds bij die nu pas gevonden/bezorgd werden. De opvang in Zundert werd "overspoeld". Voor 30 juni waren er al 69 binnen, tijdens de hittegolf kwamen er 111 bij en van 4 juli t/m 14 juli nog eens 37, zie ook bericht Zuidwestupdate, 6 juli. In Midwoud (NH) 40 stuks van 30-6 t/m 6-7 uit de wijde regio.  In Axel, onder Terneuzen werden er 25 onder een project met 70 nestkasten gevonden die het niet overleefden, zie bericht zva-online. In Gouda werden 27 jonge gierzwaluwen binnengebracht (16 nagenoeg volgroeid en 11 erg jonge) en ook nog 19 (veelal uitgeputte) volwassen vogels. Voor de hittegolf waren er nog maar 2 binnen. Daarna kwamen er nog 9 binnen, waaronder een aantal door een kat gevonden.

Totaal dus ruim 600 slachtoffers bij deze negen locaties.

 

Ook in België was het recorddruk. In Natuurhulpcentrum Oudsbergen werden er dagelijks 20-30 binnengebracht, totaal 356 jonge gierzwaluwen. Op 20 juli waren er nog 70 in huis, zie bericht VRT. Rond 20 juni begon de ellende al in Spanje met hier en daar honderden jonge gierzwaluwen op de troittors, zie bericht Animals Today.

 

Het moet landelijk in Nederland om wel een paar duizend slachtoffers gaan. Dode eieren worden niet gevonden en ook de jongen die het nest ontvluchten worden meestal niet gevonden. Ze kruipen  snel weg om in de struiken te sterven. Of ze worden door een kat of gaai 'weggewerkt'.

Deze hittegolf was vroeg in het jaar en de jongen (foto) zijn nog erg klein. De gemiddelde uitvliegdatum is 21 juli (maar de spreiding is vrij groot), dus nog bijna 3 weken voeren te gaan.

Onder dakpannen kan het wel 50-60 graden worden en veel nestkasten hangen zonder bescherming van dakgoot of overstek te lang in de zon in plaats van tussen noord en oost.

 

Ook slachtoffers op oost

Verontrustend is dat zelfs oostelijk georiënteerde nestkastprojecten bij deze extreme hitte niet veilig lijken. De kasten in het genoemde project in Axel hangen op het oosten. Henk Haans in Tilburg had drie jongen in een kast op het oosten. Ze waren ca. 3 weken oud en vond ze later dood in de kast, zie bij Projecten Tilburg.

 

Bij vrij laten niet opgooien maar van de vlakke hand zelf laten wegvliegen, hier door opvangster Judith Wakelam in Engeland  (). Als ze fit zijn vertrekken ze.

 

Corporatiekasten op het zuiden

Ik werd gebeld door een mevrouw in de Julianastraat in Overdinkel die een piepjonge gierzwaluw onder de nestkasten aan haar gevel had gevonden. Een ander zat hijgend in het vlieggat. De kasten waren geplaatst door de woningcorporatie. Ze had al uitgezocht hoe je een gierzwaluw groot moet brengen.  En ze gaat de kasten met de tuinslang koud houden. Maar het is niet gelukt, na een week was het jong dood. De andere twee zijn waarschijnlijk uitgevlogen.

De oorzaak was wel duidelijk: de vijf kasten hangen aan een kopgevel op het zuiden. Dat is verboden, alleen noord of oost is toegestaan.  Ik heb een mailtje naar de corporatie gestuurd met het verzoek ze te verplaatsen, maar kreeg geen reactie.

 

Honderden fout in Utrecht

Het probleem komt veel voor. Alleen al in Utrecht ken ik 455 kunstnesten (15% van totaal) op Z, ZW, W of NW, zonder extra bescherming door bijvoorbeeld een dakoverstek of dakgoot. Bijna allemaal in projecten van professionele organisaties zoals gemeente, woningcorporatie of projectontwikkelaar (zie kastoriëntaties Utrecht ).

Ook elders in het land zien we de fout. Let op de rode passages in de beschrijving van projecten met 55.000+ kasten in heel Nederland: https://gierzwaluw.website/Projecten.html .

En ook het artikel over compensatie nestverlies op te zonnige locaties.

 

Slachtoffers nestkasten Oisterwijk 2025

In de Joanneskerk zitten al 20 jaar 16 nestkasten achter galmgaten op het noordoosten en sinds 2015 ook nog 8 op het zuidwesten. Ze worden allemaal met camera's bewaakt en er wordt jaarlijks gedetailleerd verslag gedaan van de resultaten.

In 2025 werd in 23 van de 24 kasten gebroed. In totaal 27 legsels (deels tweede) werden 73 eitjes gelegd. Daarvan kwamen er 49 uit. Maar uiteindelijk vlogen er maar 4 , mogelijk 7 jongen uit. 35 jongen stierven van de hitte op het nest en 10 jongen gingen ook dood nadat ze het nest te vroeg waren ontvlucht. 

Verloop bezetting en broedsucces 2005-2025 voor alle 24 kasten.

 

 

 

Een nieuwe bevinding was dat op 1 en 2 juli veel oudervogels (25%) 's nacht niet op het nest terugkwamen. In 10 kasten bleven beide ouders weg. Daarna werden er wel weer vogels in de kast gezien  maar het wordt niet uitgesloten dat dit andere vogels zijn (nestzoekers).

In 2019 was er ook al eens vrij veel sterfte door hitte met maar 29 uitvliegers van de 42 jongen (69%) in de 16 NO-kasten. Maar 2025 met hoogstens 14% uitgevlogen jongen (max 7 van de 49 in de 24 kasten) is dus een echt rampjaar geweest.

Jaarverslag kolonie Oisterwijk 2025

J aarverslag kolonie Oisterwijk  2019

 

Jongen stierven massaal in Spaanse hittegolf 2022

Spanje werd in 2022 geteisterd door een extreem vroege hittegolf. In grote gebieden komt de temperatuur ruim boven de 40 graden. Nog niet eerder gebeurde dit zo vroeg in het jaar. In Spanje zijn ze gemiddeld al wat groter dan hier en sterk genoeg om uit het nest te vluchten.

 

Jong van ca. 7 dagen oud.

Foto Elles, Soest

Zie foto's van groeistadia.

 

Alleen al in Sevilla werden er in vier dagen 600 bezorgd bij opvangcentra, voornamelijk de vale gierzwaluw.  De 40+ graden hielden in het zuiden nog aan tot begin augustus.  Men schat dat 90% van de broedsels dood is.

 

- Bericht Spanje-vandaag, 18 juni 2022

- Bericht De Morgen.be, 16 juni 2022

- Opvangtips voor gevonden (jonge) gierzwaluwen 

 

 

Veel opvang door hitte in Rijnmond in 2015

 

Drama in Zwitserland, 2013

Begin augustus 2013 werd vooral het Midden-Europese broedbestand ernstig bedreigd door een hittegolf met extreem hoge temperaturen. In Oostenrijk werden nieuwe records van meer dan 40 graden gemeten. De jonge Gierzwaluwen ontvluchtten massaal de hitte door uit het nest te klimmen.  In een Zwitsers opvangcentrum werden nog nooit zulke hoge aantallen bezorgd. Men schat dat de halve populatie dreigt om te komen. Zie een verslag uit een Zwitsers opvangcentrum.

 

Mijn conclusie

In afwachting van meer duidelijkheid over wat nog een acceptabel belasting door hittestress is en anticiperend op meer en intenser hittegolven, moeten andere dan tussen noord en oost niet voor neststenen, nestkasten en broedplaatsen onder dakpannen benut worden, tenzij ze voldoende zijn afgeschermd tegen zonbestraling met een overstek, een brede dakgoot, o.i.d. Dat is ook het voorschrift in het Kennisdocument Gierzwaluw, maar daar staat helaas nog "bij voorkeur " bij.  O.a. daardoor komen in de praktijk nog steeds locaties met onvoldoende bescherming tegen de zon voor.

 

 +++++++++++++++

 

Jaap Langenbach

jaaplangenbach@ziggo.nl

Willemstraat 38, 3511 RK Utrecht

06 -3849 7474

  Begin pagina